Dit getuigenis heeft mij buiten de wereld geplaatst

 

     Ik heb altijd geleefd om te werken want zonder werk was er geen brood op de plank. Nu ik gepensioneerd ben werk ik om te leven en dan ook nog in een eeuwig toekomstperspectief die zijn weerga niet kent. Het is al een eeuwen oude filosofische vraag die zich niet zo eenvoudig laat beantwoorden want er bestaan verscheidene inzichten betreffende arbeid. De een beschouwd het als een essentieel onderdeel van het mens-zijn, als een 'roeping' of een vorm van 'zelfverwerkelijking'. De ander verwijt de westerse traditie dat arbeid verheerlijkt en geobsedeerd was door productiviteit, omdat zij droomden van een onheuglijk oud geluk’, namelijk dat van het nietsdoen. Er is zelfs een Franse filosoof (1) geweest die een toekomst beschreef waarin de walvissen geheel vrijwillig onze schepen trekken en de kippen gebraden en al onze mond in vliegen.

 

     Voor velen is arbeid meer dan slechts te zorgen voor voedsel en onderdak; ze was ook altijd de voortzetting van een bepaalde levenswijze, ofwel een bepaalde cultuur. Het protestantisme verbond waarden als matigheid, plichtsbesef en trouw aan arbeid, wat nog doorklinkt in Nederlandse spreekwoorden zoals 'ledigheid is des duivels oorkussen' of 'zuinigheid met vlijt bouwt huizen als kastelen'.

 

     De verandering stak in de jaren zestig de kop op, want plichtsbesef zei de nieuwe generatie niet veel. Creativiteit en innovatie werden de belangrijkste waarden. Werk moest voortaan spannend en uitdagend zijn, en als het dat niet meer was, werd het tijd om een andere baan te zoeken. Jarenlang voor dezelfde baas werken was een teken van loyaliteit; nu werd het een gebrek aan flexibiliteit. Het belang dat mensen aan arbeid hechten pakt helaas niet voor iedereen gunstig uit, want wanneer slaat spanning om in stress en flexibiliteit om in bestaansonzekerheid?

 

    Ik ben blij dat deze vernieuwing aan mij voorbij is gegaan. Ik lever nu een grootste prestatie, namelijk dat ik mij op de hoogte stel van de goddelijke waarheid en dat zo grondig en volmaakt doe, dat het voorbeeld of gedrag van geen enkel levend wezen in de wereld mij ooit kan afkeren van de kennis die ik na mijn vijfenvijftigste levensjaar verkregen heb. In de voetstappen van de Meester, de grootste van alle leerkrachten die de wereld ooit heeft gehad, is het de veiligste en zekerste koers om te volgen die ik ken.

 

     Wij kunnen de voorschriften in ons opnemen, de leerstellingen en het goddelijke woord van de Meester, zonder enige vrees dat het Voorbeeld zijn eigen voorschriften niet zal uitvoeren en zijn eigen leerstellingen en vereisten niet zal vervullen.

 

     Door het getuigenis van de Heilige Geest aan mij, weet ik dat het boek de 'Leer en Verbonden' het woord van God is dat door Joseph Smith aan de wereld is gegeven en dat hij het 'Boek van Mormon' door de gave en macht van God heeft vertaald uit de oorspronkelijke taal van de graveersels op de gouden platen in de taal die wij nu lezen. Het bevat de volheid van het eeuwig evangelie.

 

     Deze boeken hebben mij tot de kennis van de waarheid gebracht waardoor iedereen gered kan worden en kan worden teruggebracht in de tegenwoordigheid van God en deelnemen aan zijn heerlijkheid en een oneindig leven.

 

    Christus zelf overwon de dood en het graf en kwam voort 'als eersteling van hen, die ontslapen zijn.' (2) Zijn discipelen getuigen van de opstanding, en hun getuigenis kan niet weerlegd worden. Daarom blijft het staan, en is het goed en getrouw.

 

     Dit getuigenis heeft mij buiten de wereld geplaatst en geeft mij inzicht in een toekomstperspectief die zijn weerga niet kent en hoe ouder ik word hoe mooier dat toekomstperspectief. En dit is mijn getuigenis in Jezus naam. Amen. 

 

(1. Charles Fourier.)

 

(2. 1 Korintiërs 15:20.)