Geluk is voor velen ongrijpbaar

 

     Ik heb van een wijnkenner vernomen dat pieren uit de Chablis een minerale afdronk aan de wijn brengen, terwijl die uit Picardië muf zijn door verrotting van verhakkeld hout. Verder maakte hij zich druk over ons aardse leven in een tijd van de klimaatcrisis, ja over een nieuwe verhouding tot de natuur, spel en ernst. Hij vindt dat wormen iets hebben wat wijnkenners 'een uitgesproken complex samen spel van bodem en klimaat' noemen, dat je de sporen proeft van de plaats waar ze in de grond zitten.

 

     Hij vertelde mij over een vriend van hem, die met zijn zoon in de Black Mountains van Wales was gaan wonen in een zelfgegraven dassenhol om daar het dassenmenu 'wormen' te eten. Hij kroop door een dichtbegroeid bos,  oriënteerde zich steeds minder met zijn ogen en verliet zich volledig op zijn reukvermogen. Zo was hij een otter in de rivieren in Exmoor, een edelhert die opgejaagd werd door een hond, zweefde hij aan zijn deltavlieger door de lucht als een gierzwaluw en was hij een stadsvos in Londen waar hij het stadsvossen menu at wat bestond uit curry en pizzapunten die in vuilnisbakken waren achtergelaten.

 

     Hij vond dat we dat spel nodig hebben om onze wereld opnieuw te leren kennen en te voelen. Onze wereld blijkt volgens hem op een ingrijpende manier veranderd te zijn, dat we een nieuwe weerklank moeten vinden waarmee we de wereld weer kunnen opbouwen, met politieke instituten zoals de natiestaat om die wereld bewoonbaar te maken, terwijl wij nu kortademig achter die wereld aan rennen, onze verbeelding tekortschiet en daarmee ook de bouwwerken die we in de wereld bouwen om te wonen.

 

     Ik geef toe dat ik moeite heb gehad om naar hem te luisteren, want in mijn opinie zijn alle zegeningen die God mij geeft, zoals evangelie-leringen, geboden, priesterschap verordeningen, gezinsrelaties, profeten, tempels, de schoonheid van de schepping, en zelfs de tegenslagen die we hebben, erop gericht zijn om mijn geluk te bevorderen. Hij heeft zijn geliefde Zoon gestuurd om de verzoening te volbrengen, zodat ik hier en nu gelukkig kan zijn en in de eeuwigheid een volheid van vreugde kan ervaren.

 

     Mensen zijn overal op zijn of haar eigen manier op zoek naar geluk. Net zoals velen de waarheid niet ontdekken, zo bereiken zij ook geen geluk 'omdat zij niet weten waar die te vinden is'. (L&V 123:12.) Daarom zoeken ze ernaar in zaken die hooguit tijdelijk plezier opleveren: dingen kopen,  naar lof en eer van de wereld streven, of uiterlijke schoonheid en aantrekkelijkheid najagen, of door een stadsvossen menu te eten wat in vuilnisbakken was achtergelaten.

 

     Vaak wordt plezier met geluk verward. Het lijkt erop dat hoe meer iemand tijdelijk plezier zoekt, hoe minder gelukkig hij of zij wordt. Plezier is vaak van korte duur. Je kunt het vergankelijke plezier wel vinden, zeker, maar daarin kun je geen vreugde, geen geluk vinden. Geluk in de juiste context is alleen te vinden op dat veel belopen pad, dat nauw, maar recht is, dat naar het eeuwige leven leidt.

 

     Geluk is voor velen ongrijpbaar. Wetenschappers weten dat geluk meer is dan gewoon een positieve stemming. Het is een toestand van welbevinden, die met een goed leven gepaard gaat - dat wil zeggen met een gevoel van zingeving en grote voldoening. Geloof mij, dit leven is niet te vinden in het eten van wormen of aan een deltavlieger te hangen. En dit is mijn getuigenis in naam van Jezus Christus. Amen.